Markets could be conversations

Fuck! Ik haat het als ze er in slagen om mij op een maandagochtend, I kid you not, op mijn paard te krijgen...

Ten eerste: 

Als je de 30 seconden TV spot nog steeds als ijkpunt gebruikt voor traditionele reclamebureaus, dan heb je de laatste 10 jaar niet met een deftig merk of met een half deftige adverteerder gewerkt (en nog minder met hun procurement manager). Veel van die zogenaamd traditionele bureaus waren in de afgelopen jaren bezig met apps, games, campagnesites, documentaires, muziekcompilaties, facebookpaginas, youtubechannels, festivals, sponsoring, gameshows, events, guerillastunts,... en ga zo maar door. Niet altijd omwille van de juiste motivaties ('we hebben geen geld dus maak ons maar iets virals aub'), maar dat neemt niet weg dat we nu die ervaring hebben en uit de fouten konden leren. Het straffe is dat veel van die 'kijk eens naar de dino's'-gasten de afgelopen jaren eigenlijk niet veel meer gedaan hebben dan (vaak redelijk klassieke) sites bouwen, met de occasionele search engine optimalisatie erbij (en dan zijn ze verwonderd dat die dinosaurussen hen enkel daarvoor contacteren). 

Ten tweede: 

Markets are NOT conversations.

Ze zouden dat kunnen worden, maar je moet je eerst ook de vraag stellen of dat nuttig is... Niet iedereen heeft er behoefte aan om zijn tijd op sociale netwerksites door te brengen met de fabrikant van zijn toiletpapier. Maar toch, zelfs voor die merken bestaat de mogelijkheid. Het enige probleem is dat je, voor je ook maar een seconde conversatiepotentiëel hebt, ook een 'point of view' moet hebben. Weinig mensen zijn geïnteresseerd in conversaties over en met vreemden, tenzij die ook iets interessants te vertellen hebben. En laat dat nu net zijn waar de zogezegde traditionele bureaus meer tijd in steken: samen met de klant bepalen welk verhaal, welke monoloog, je eerst moet voeren. Wat biedt je als merk dat consumenten relevant vinden, en hoe druk je dat op de beste manier uit. Case in point:

Ik vind dat dit artikel kort door de bocht gaat, maar er zit wel een kern van waarheid in. We zitten schijnbaar in een periode waarin de wetenschappers en techniekers het, net zoals tijdens de opgang van de moleculaire gastronomie, weer even proberen overnemen... Net zoals in die sector gaat dat inderdaad gepaard met een paar interessante tiepen die de vergelijing met Adria of Blumenthal waard zijn (AKQA, Droga5, stel je eigen champions league maar samen), maar laten dat nu net ook de mensen zijn die enorm veel respect hebben voor het basismétier, en dat ook door en door kennen. Voor de rest zie ik vooral veel omhoog gevallen frituristen die ook een 'moleculair koken voor dummies' boek hebben aangeschaft en die, vanaf ze één geslaagd receptje op tafel hebben gebracht (en zelfs dat is soms niet nodig), luidkeels beginnen verkondigen dat de traditionele keuken het helemaal heeft gehad. 

Berg je boekje nog even op, probeer eens een deftige rosbief te braden, en kom dan nog eens klappen. 

 

De Regeringspuzzel

Wat als we nu eens een aantal vliegen in één klap slaan: een soortement verkiezingen én een vermindering van het aantal politici in dit land.

We produceren een nationale realityshow, waarin de exellenties uit de verschillende deelregeringen per aflevering in hun respectievelijke domeinen aan bod komen (binnenlandse zaken, sociale zekerheid,... te beginnen met de aanhangels en eindigen met het eerste ministerschap).

Per aflevering krijgen we een mix van debatten, cases en, waarom niet, wat fysieke proeven (go Dewever go, we mogen eens lachen ook en jullie hebben uiteraard een voorbeeldfunctie). Hulplijnen kunnen bestaan uit partijbureau, kabinet,... Na afloop kan heel België televoten en krijgen we één titularis per beleidsdomein. Tussen de afleveringen door mogen ze campagne voeren

Zolang het niet gepresenteerd wordt door Sigfried Bracke en Christophe Deborsu uiteraard...

Erik Saelens en Carrefour

Beste Erik,

Naar aanleiding van jouw stukje in De Morgen van 25 Februari jongstleden moet dit me toch even van het hart.

Toegegeven, ik kan me wel vaker opwinden over de onzin die men in opiniestukjes in de krant te lezen krijgt, er is maar één ding dat me doorgaans nog meer de bomen in jaagt, en  dat zijn de lezersbrieven. Tot op heden heb ik me echter nog nooit geroepen gevoeld om daarop te reageren, maar vandaag spreek je me ook nog eens persoonlijk aan want ik ben één van die reclamestrategen die de afgelopen jaren mee werkte aan de communicatieplannen en –campagnes van Carrefour. Los van de leuke anekdote over Carrefour in La Marsa is dit stukje een mooie combinatie van “the worst of both worlds” (opiniestukken en lezersbrieven).

Eerst en vooral stel ik me grote vragen bij je expertise ter zake. We horen uiteraard wel iets over jouw internetpolls, die meestal niks met jouw klanten te maken hebben. Geen probleem, iedereen wil prospects verleiden, en het zal zo vast wel eens lukken. Maar in één adem doen alsof je één van de weinige marketeers bent die bezig zijn met de consument en met business resultaten, en vooral niet met grappige spotjes maken lijkt me een beetje té gratuit. Het is niet omdat je een bepaalde visie hebt dat je daarom ook weet hoe het er in elke sector aan toe gaat.

Ik kan alleen maar voor mezelf spreken, maar ik denk niet dat er veel mensen in dit Belgenland rondlopen die meer hebben gesproken en gedebatteerd met consumenten rond retail dan de planners die de afgelopen jaren op Carrefour werkten. En niet alleen Carrefour klanten: Carrefour lovers en haters, Colruyt adepten en mensen die er schrik van hadden, fanatieke Delhaizegangers en –verguizers, mensen die noodgewongen overschakelden op Aldi en Lidl en mensen die er uit principe gingen... Met de nadruk op spreken en luisteren, niet bevragen met een schamel vragenlijstje dat goedkoop online wordt gegooid en eigenlijk alleen maar een persbericht tot doel heeft.  Tot daar aan toe natuurlijk, het blijft jouw 'opinie'.

Wat me echter meer stoort is dat je, zoals in de ergste lezersbrieven, jouw schamele kennis ook gebruikt om in de stelligste bewoordingen schuldigen aan te duiden. Niet gehinderd door enige ervaring met de werking van de organisatie in kwestie. Bij Carrefour verhuizen topmensen vaak om de 3 jaar, niet alleen in functie maar bijvoorbeeld ook vaak van land. Marketing is binnen de organisatie vaak maar een opstapje voor die échte topjob: aankoper! De logica zelve natuurlijk: marketing kost alleen maar, en een ‘smoel voor Carrefour’ brengt niet onmiddellijk geld in het laatje. Als aankoper met enig organisatietalent weeg je echter dadelijk op de marge, zonder dat je zelfs maar moet nadenken over hoe consumenten daarmee omgaan.

Tegen die globale Carrefour cultuur hebben wij als lokaal bureau (soms gesteund door de marketeer van dienst en soms niet) gevochten, en ja: afgezien van een aantal veldslagjes hebben we de oorlog verloren. Maar om nu even doodleuk te stellen dat het dan ‘aan de marketeers’ligt lijkt me dan toch iets te kort door de bocht. Al kan ik me inbeelden dat al die grote klanten van Brandhome jullie natuurlijk blind volgen.

Hasta,

Yves